Succesvol streekcafé over akkervogels in Dorpshuis Ravenswoud

In navolging van eerdere succesvolle streekcafés, vond op 16 juni het streekcafé over akkervogels plaats. In aanwezigheid van ruim 25 belangstellenden vertelde Henk Jan Ottens van de stichting Werkgroep Grauwe Kiekendief Kenniscentrum Akkervogels over de leefomgeving van akkervogels en aan welke voorwaarden die moet voldoen. De werkgroep houdt zich bezig met bescherming, monitoring, onderzoek naar en analyse van akkervogels. Dat laatste i.s.m. de WUR en de RUG.

De werkgroep verzamelt m.b.v. tellers in het veld veel gegevens over de verschillende soorten akkervogels en krijgt zo een steeds beter beeld van hun behoeften en de effecten van beheermaatregelen op toe- of afname van de soorten. Henk Jan vertelde enthousiast over de verschillende soorten: de trekvogels, de broedvogels en de overwinteraars. Tijdens de lezing ging hij met name in op de wulp en de veldleeuwerik. Beide vogels zijn soorten waar in zuidoost Friesland de focus op ligt qua instandhouding van de soort.

Uit de Vogelbalans 2025 blijkt evenwel dat in zijn algemeenheid de soorten op boerenland steeds meer afnemen. Maar tegelijk ook dat andere soorten weer toenemen (o.m. de fazant). Dat is vooral een gevolg van maatregelen in het kader van agrarisch natuurbeheer. Dat loont dus! Zo maakt het een verschil welk gebruik van het land toegepast wordt: grasland en/of mais, het overheersende gebruik in Zuidoost Friesland. In het geval van grasland vindt de eerste snee vaak al begin mei plaats. Maar ook het inzaaien van mais e.a. gewassen is vaak al vroeg in april. Dat valt dan samen met de broedcyclus van veel soorten, zoals de wulp en de veldleeuwerik. De wulp heeft een broedcyclus van 36 dagen en die start rond 10 april. Daarmee komt de eerste snee voor hen te vroeg.  Voor de veldleeuwerik is dat aspect nog kritischer, omdat deze soort tot 3x kan broeden en daardoor gedunde een langere periode in het veld aanwezig is.

Hoe worden de wulp en de veldleeuwerik nu beschermd? Voor beide soorten geldt een verschillend regime. Voor de wulp worden onder andere nestbeschermers (rasters) gebruikt. De nesten zijn goed te vinden en daardoor ook goed te beschermen. Voor de veldleeuwerik ligt dat anders. Deze nesten zijn heel moeilijk te vinden en dan is een aangepast agrarisch beheer de enige optie. In dit geval betekent dat uitgesteld maaien. In de polder van Ravenswoud wordt het aangepast beheer succesvol toegepast. Zowel de veldleeuwerik als de patrijs gedijen hier goed.

Aansluitend aan de lezing van Henk Jan volgde nog een veldexcursie in Polder Ravenswoud waar het agrarisch natuurbeheer ter plaatse aanschouwd kon worden. Al met al een leuke en boeiende avond om op een laagdrempelige manier kennis en netwerken met elkaar te delen. Juist dat beoogt de Gebiedscooperatie Zuidoost Friesland te bereiken met de streekcafés. Een groeiend aantal mensen bestaande uit inwoners, professionals van overheden en gebiedspartijen en andere weet deze avonden te vinden. Voor het zomerseizoen vindt op 7 juli nog een streekcafé plaats met als thema ‘kruidenrijk grasland’. Vanaf 19.00 uur is iedereen welkom bij de boerderij van de Fam. Hof, Oosterwoldseweg 35 in Oldeberkoop. Zie voor meer informatie over dit streekcafé -> streekcafé 7 juli